Liefde overwint alles, zeggen ze…en ja, het heeft ons een tijdlang goed vooruit geholpen. We hebben geen herrie gemaakt over de oorzaken van de hiv-explisie in huis. We hebben nooit uitgezocht wat nu werkelijk de oorzaak was. Die diende zich op een goeie dag uit zichzelf aan…

Zover was het nog niet op die woensdag dat Jeltje plotseling verschrikkelijk begon te spugen…meer dan verschrikkelijk. Het leek erop dat haar slokdarm door haar mond naar buiten wilde komen. Er kwam geen eind aan het kokhalzen, ook niet toen haar maag al helemaal leeg waren. Haar darmen namen daar trouwens geen genoegen mee want vrijwel meteen daarna rende ze naar de WC en liet ze een lading diarree los zoals ik nooit eerder had gezien. Ik hoorde de meest verschrikkelijke geluiden van de WC komen terwijl ik bezig was de boel te ruimen…

“Het is de bijwerking van de aidsremmers, zei ze mat. ” Die beginnen hun tol te vragen. Ik ben zo misselijk als een kat  en het maakt niet uit of ik net gespuugd heb of niet. Ik voel me ziek, zo verschrikkelijk ziek en het ergste is nog dat ik straks weer iets moet innemen tegen de misselijkheid. Op die manier word ik echt een pillendoos!”  De tranen spoten nu uit haar ogen en ze dook met haar gezicht in mijn schouderholte. ” O, wat hebben we toch misdaan, waarom moet dit, ik kan dit echt niet meer….”  Haar adem begaf het bij tijd en wijle tussen de lange, huilende uithalen en haar woorden. Die gingen onder in het tranenwater dat haar beheerste. En ik? Ik probeerde mijn verdriet in stilte weg te slikken. Wat was mijn verdriet tegenover het hare? De vrouw waar ik zoveel van hield, mijn meesteres, mijn gids, mijn eeuwig verlangen…

We aten in stilte. De emoties van die ochtend lieten geen woorden meer toe, ze zouden stuk voor stuk kapot zijn gevallen op dat wat we hadden beleefd. Zelfs het kauwen ging langzaam en bij Jeltje met tegenzin. De misselijkheid had zich wat teruggetrokken maar ze was nu bang dat het elk moment terug zou kunnen  komen. Ze at uiterst kleine hapjes en dan nog heel langzaam achter elkaar ook. Alsof ze over ieder hapje nadacht als een belangrijke stap in haar leven. Ik besloot niet sneller te eten dan zij, ik wilde dat we bij elkaar hoorden, samen oplopen…zo zou het moeten zijn….

De misselijkheid werd niet minder en het spugen en de diarree ook niet. Integendeel , het kwam steeds vaker voor en inderdaad vroegen we om pillen tegen de misselijkheid. Dat was dan weer moeilijk want als het tegen zat , spuugde ze de pillen uit tijdens één van haar kotsbuien en dan hielpen ze dus weer niet. Het was ellendig om aan te zien hoe ze haast elke dag bleker en magerder werd en hoe ze meer door huis begon te strompelen. Het was raar, soms had ik het idfee dat ze helemaal niet echt ziek was maar dat ze zich alleen maar beroerd voelde. Onzin natuurlijk maar het was een beeld en misschien ook wel een stille hoop.

Die woensdagavond kwam ik thuis en hield ik haar stevig in mijn armen en voelde ik hoe heel haar lichaam trilde. ” Laten we gaan zitten”, zei ze zacht. Haar benen voelden aan als gummi, zei ze en fatsoenlijk staan was er niet bij. Honger en misselijkheid vochten in haar lijf om de heerschappij. Zo zei ze het zelf ook en vaak had ze het gevoel zelf helemaal buiten die strijd te staan. Alsof ze er part nog deel aan had. En ik wist dat ik er in elk geval niets aan kon doen. Die machteloosheid, die voel ik nu pas ten volle. Niet op die woensdag en niet op alle dagen die erna kwamen. Niet bij elke keer als ik haar in m’n armen nam. Nee, dan niet….

Ze vermagerde niet snel en ook niet alsmaar achter elkaar door. Van tijd tot tijd ontstonden er zelfs vetophopingen op plaatsen waar ze ze vroeger nooit had gehad, waar ze vroeger niet te dik was geweest, op haar heupen, bleef het nu plotseling hangen. En op haar bovenarmen ook….  We deden geen moeite meer om die plotselinge  veranderingen weer terug te draaien. Er waren belangrijker dingen te doen. Aan Jetljes lijf geen Sonja Bakker. Belangrijker was het om van elkaar te genieten, zoals we waren.

We knuffelden bijna de hele tijd als ik thuis was. Op sommige dagen kwam ik heel laat thuis omdat ik als partner in het bureau nu eenmaal nogal wat verantwoordelijkheden had. Het voordeel was dat we geregeld op stap konden gaan met z’n drieën, geld genoeg, auto aan…en wegwezen, naar de mooiste plekjes van het land, de leukste winkels en soms, een heel enkele keer naar een bijzonder restaurant. Dat laatste was natuurlijk wel oppassen gezien de misselijkheid.

Jeroen vond het allemaal prirma. Hij scheen het vooral heel belangrijk te vinden om dicht bij zijn moeder te zijn en hoewel hij er eigenlijk te groot voor was, lieten we hem soms tussen ons in slapen. Hoelang zou hij nog van zijn moeder kunnen genieten? Van haar aanwezigheid, haar knuffels en haar zorg? De problemen op school waren voorbij nu we hem meer aandacht gaven en dat was ook voor ons een opluchting. Natuurlijk omdat we hem het liefst gelukkig zagen maar ook omdat een extra probleem erbij niet te dragen viel….

 

Advertenties