You are currently browsing the category archive for the ‘Broodschrijvers’ category.

Vrienden zijn als ijs…ze smelten weg als de grond hen te heet wordt onder de voeten. Ja, ik weet het, die vrienden met die auto heb ik zelf buiten in de kou laten staan maar het is opvallend hoe weinig vrienden je overhoudt als er ziekte heerst in je huis. Ik kreeg het gevoel dat er nooit meer iemand op bezoek kwam en dat er ook nooit meer iemand belde. Alleen die maffe echtgenoot van Froukje belde van tijd tot tijd om te vragen wanneer ze thuiskwam. Het antwoord was elke keer hetzelfde: zoek het even lekker zelf uit. Meestal kroop Froukje meteen na zo’n gesprek heel dicht tegen me aan. Heel dicht. zij had behoefte aan warmte, vriendschap en ook liefde…

Nu ik dit opschrijf, denk ik wel eens ” hield ik van haar”?  Ik vind dat moeilijk want wat is precies “houden van”? Dat gaat nog heel wat verder dan met enige regelmaat een wip maken op de vloerbedekking of in een onopgemaakt bed. Het maakt daarbij niet uit of je de gevulde condooms van de vorige keer nog terugvindt…met liefde heeft het allemaal niets te maken. Houden van, dat ging helemaal z’n eigen weg en had alleen nog betrekking op de relatie tussen mij en Jeltje. Ik wilde haar niet kwijt en niet zien vertrekken, ondanks alles, ze was van mij….ja, de gedachte alleen al maakt me warm tot op de dag van vandaag. Jeltje zit zo vergroeid in mij, als ze eruit wordt gehaald, ga ik dood…

En natuurlijk, het lag ook aan mij vooral. Ik was degene van ons drieën die het meeste buiten de deur kwam. Na een week moest ik ook weer aan het werk en dat viel net mee.  Veel collega’s dachten vooral dat ik leuk met vakantie was geweest. En dan gebeurde er iets geks: Ik zei dat het leuk was geweest en dat we ontzettend leuke dingen hadden gedaan.  Mijn collega’s gingen er ook heel enthousiast op in. Ik hield het vaag en ja…vaak insinueerde ik boeiende seksuele ervaringen. Dan vraagt haast niemand verder…hooguit worden er wat grove grappen gemaakt.

Vrolijk werd ik daar dan weer niet van maar ik was wel een tijdje de meest populaire jongen op de afdeling. Seks…en auto’s, dat is natuurlijk altijd het hoogtepunt van vermaak onder collega’s. Daarbij zorgde ik er dan wel weer voor dat ik me heel netjes aan de gangbare opvattingen hield. Dus gewoon, niks overspel, niks buitenechtelijk geneuk…gewoon met je eigen vrouw van alles. En dat terwijl van binnen alles in je jankt en gilt ” was het maar waar, kon dat maar!”  Die wanhoop zal ik nooit vergeten….

Nee, ik hield ook van Froukje, ik denk het wel…ja, echt houden van. Ze was lief, zorgde goed voor me, gaf zichzelf met overtuiging aan me, ze zoende beter dan Jeltje, ja zeker. Die kunst had ze beter onder de knie maar….ze was niet zo met me vergroeid als Jeltje….ze was niet een eenheid met me geworden, ze was geen orgaan van me… En toch…ik had haar niet kunnen missen, ze bood me de troost die ik nodig had en de vrijpartij die ik bij mijn vrouw zo miste. En Jeltje wist het en ze vond het goed want ze was net zo gek op haar zusje als ik en ze hield van mij…ondanks alles hield ze van mij zoals ik van haar.

Na een tijdje begon het te slijten op het werk. Het lachen om grove grappen en het tumult over een korte, wilde vakantie was voorbij. Ik merkte dat mijn collega’s me zelfs een beetje begonnen te mijden. Dat verliep heel verraderlijk. Eerst waren er ene paar “per ongeluk”  vergeten vergaderingen, later vroegen ze of ik ergens wel bij wilde zijn op een toon alsof ze “nee hoor”  als antwoord verwachtten. Kort daarop kwamen ze ook minder langs voor individuele gesprekjes.  Soms leek het ook wel of de stemmen stokten als ik op de gang langskwam. Nee, de sfeer werd er niet prettiger op.

Tot die dag dat Partner Willem mij  op het matje riep en begon te vragen waarom ik me zo afzonderde. Onmiddellijk begonnen mijn oren te gloeien omdat ik er een aanzet in zag om me te lozen. Het waren van die gemene , achterbakse vragen en opmerkingen. Of ik me wel kon vinden in het nieuwe beleid van het bureau en hoe ik dacht over mijn directe vrouwelijke collega’s. Het leek wel ene spellletje om mij erin te laten lopen, om te zorgen dat ik iets vrouwonvriendelijks zou zeggen ofzo. Ik was op mijn hoede maar mijn humeur werd daardoor niet beter. Integendeel, ik vroeg me af  waar Willem op uit was.

“Nou ja”, zei hij eindelijk, ” je hebt het er goed afgebracht. Je reacties zijn zoals ik verwacht had en eigenlijk nog een stukje beter en”,…hij boog zich voorover…” sluwer.” Eerder zou ik misschien een brede glimlach op mijn gezicht hebben getoverd maar deze keer brak er niet meer dan iets flauws door. Het leek Partner Willem niet op te vallen. ” We willen je voordragen voor een partnership”, zei hij glimlachend. ” Een junior partnership”.  En zelfs toen…voelde ik me opveren…even was er iets van vreugde in me ook al voelde mijn leven zo verschrikkelijk zwaar.

Advertenties

Een goeie baan, nou ja, wat geld betreft dan hè…ik moest zo’n twaalf uur per dag werken en dat legde ons dan weer geen windeieren. In het begin was het nog leuk en kwam ik ’s avonds met een lachend gezicht en kusjes thuis en zoende ik de kinderen of nam ze op schoot. Papa was niet alleen maar de man die ’s zondags het vlees sneed, ik was ook de beste vriend van de kindereren, tot het genoegen van Jeltje.

En toch…we zagen elkaar wat minder, ook in bed. Na een werkdag was ik afgetobd en kwam ik niet aan het ontspannen toe dat in het verleden tot zoveel mooie momenten had geleid. Eerlijk gezegd, ik had er ook niet zoveel zin meer in. Ik begon in Jeltje steeds meer de moeder van mijn kinderen te zien en steeds minder een vrouw om gek op te worden, een vrouw die kriebels en tintelingen veroorzaakte of zelfs een gewone prooi voor mijn man-zijn. Aan de andere kant leverde het nauwelijks problemen op want ik had het idee dat het moederschap haar ook zwaarder viel dan ze had gedacht. ” Elke dag kom ik uren tekort”, zei ze en veel verder kwam ze dan niet omdat ik de energie niet kon opbrengen om naar de achtergronden van haar verhaal te luisteren. Een enkele keer liet ze wat doorschemeren. ” Wat ben je vroeg”, zei ze op een middag, toen ik inderdaad wat vroeger thuiskwam. Het klonk bijna teleurgesteld. Met tuitlipjes bergde ze haar teken- en schilderspullen op. Niet dat het nodig was geweest want een kwartier later lag ik in mijn draaistoel te knorren. Haast zuchtend haalde ze haar hobby weer tevoorschijn. Het zal een twee uur later zijn geweest toen ze me wakker maakte met de opmerking “het eten is klaar”  en een zoen. Haar teken- en schilderspullen waren toen al weer opgeborgen omdat we de tafel nodig hadden voor het eten en…ik had dus niets van haar werk gezien.

Later begreep ik haar opmerkingen over de beperkte tijd die ik voor haar had. ” Kom eens bij me zitten”,  “Luister eens”, “Wat moeten we met…”, “Doe eens rustiger aan…” en zo ging het maar door maar ik hoorde de onderliggende boodschap natuurlijk niet: “Geef mij eens wat meer aandacht.” Nee, ik klopte mijzelf op de borst en vond mijzelf een kampioen in het onderhouden van een gezin. Van tijd tot tijd gingen we met vakantie naar een binnenlandse bestemming omdat de kinderen nog zo klein waren. “Het is altijd leuk voor ze als er een zwembad in de buurt is”, zei Jeltje vaak en ik knikte braaf omdat ik aan de rand van het zwembad via mijn laptop mijn werk verder kon beheren.

Van vrijen kwam het zelfs in de vakantie niet meer omdat het doodeenvoudig niet meer in de cultuur zat, de cultuur van alledag.We keken tv zoals de meesten, maakten wandelingen en sliepen aan de rand van het zwembad en we dachten, we wilden geloven, dat we gelukkig waren. Alleen al de herinnering aan de verschrikkelijke jaren in Deurne, waren daarvoor voldoende.

eendjes.jpg

Al vele jaren verdien ik mijn brood met schrijven en…ik mag het zeggen…niet onverdienstelijk. Nee, echt ik verdien er heel wat meer mee dan brood. Dat is mooi want ooit zei iemand tegen mij dat ik er geen droog brood mee kon verdienen. Zonder nu het brood meteen in het water te willen gooien, kan ik zeggen dat ik onder mijn beleg de boterham moet zoeken. Dat is toch mooi, niet?

Vele jaren geleden was er een moment dat ik moest kiezen tussen een bestaan als musicus en één als schrijver. Ik koos toen voor het schrijversvak. De laatste tijd begint mijn muzikantenbloed steeds meer te kribelen maar ik stap niet ineens meer over naar een heel ander vak. Daarvoor ben ik te oud. Zou ik al weer te laat zijn? Al weer de bus gemist? Nou, kom op zeg, ik mag toch helemaal niet klagen? Schrijven is buffelen maar muziek maken gaat ook niet zo maar van een leien dakje. Je komt er wel eerder mee op tv. Gek eigenlijk hè? Er is aan schrijven net zoveel te zien als aan muziek maken. Niet, wel? Jawel toch?

 

Strappemedam,

 

Kaj

 

https://sairaramira.wordpress.com

Blog Stats

  • 10.303 hits

RSS my home

  • Er is een fout opgetreden. De feed is waarschijnlijk uit de lucht. Probeer later opnieuw.
Advertenties