You are currently browsing the category archive for the ‘Dat is niet goed’ category.

Een dooie boel was het al dagenlang want al die vrijpartijen waren natuurlijk al weer voorbij. Ik denk dat Jeltje verzadigd was en ja…ze keek me alleen nog maar afwachtend vanuit een hoek van de kamer aan. Soms knauwde ze daarbij op haar vingernagels en van tijd tot tijd stond ze op om een kop capuccino te maken. Het waseen soort schaduwspel want ik merkte dat ik niet veel anders deed. Nou ja, ik was wel in een boekje gedoken en had niet eens in de gaten waar het over ging. Pas na drie dagen merkte ik dat het vol stond met ervaringsverhalen over emigratie. Ja, emigratie, misschien was dat wel de oplossing. Beginnen aan een totaal nieuw leven.

Nou, dat totaal nieuwe leven want op ene goeie dag kondigde Jeltje aan dat haar zusje een week zou komen logeren. Froukje was nog nooit eerder bij ons geweest als logé en ik kon me zelfs niet herinneren dat ze op onze verjaardagen was geweest maat uitgerekend middenin deze crisis kwam ze logeren. Nou, het zou me een gezellige logeerpartij worden. ” En heeft ze dat helemaal alleen verzonnen?” vroeg ik snel, het was eruit voordat ik het wist. ” Ja, ze vond dat het tijd werd”, antwoordde Jeltje gauw maar ik kon aan haar stem horen dat ze niet van plan was de details van het idee verder uit de doeken te doen. ” Mooi zo, ja, tijd wordt het zeker”, ik bracht het er geeuwend uit, een vorm van gedrag die te maken had met de stress die de hele situatie bij mij opriep.

De stilte viel nog meer op nadat we dat allemaal hadden gezegd. ” Ze komt morgenmiddag”, voegde Jeltje er nog aan toe maar ik voelde in geen enkel opzicht behoefte om daarop te reageren. Een zure buikpijn kroop in mij omhoog omdat ik het gevoel had dat Froukje onmiddellijk mij de schuld zou geven van de situatie. Ze zou sowieso in eerste instantie worden ingelicht door haar zusje dus Jeltje lag al een paar meter voor. Daar kwam bij dat iedereen altijd in eerste instantie de schuld aan de man gaf in dit soort situaties, dat was nu eenmaal gebruikelijk, overal en dus ook in onze buurt en familie. Kortom, ik zou maar beter mijn mond kunnen houden en me verder verdiepen in het boekje over emigratie. De verhalen begonnen mij steeds meer aan te spreken. Zo’n emigratie naar Brazi;ië bijvoorbeeld en dan de hele dag aan het strand hangen. Hoe zou de gemeenschap daar op HIV reageren? Niemand gebruikte er immers een condoom?

Ik hoorde dan ook nauwelijks de deur opengaan toen Froukje de volgende dag de kamer binnenkwam. ” Hallo allemaal”, riep ze vrolijk. Het klonk alsof  ze nog niets had gehoord over de crisis in ons huis. Des te beter, dan was ze nog te beïnvloeden en…ik had een voordeel. Froukje was in stilte gek op mij, dat wist ik.  Ze was wat minder uitbundig en opgewonden dan Jeltje, echt het oudere zusje alles was wat bedaagder. Froukje was, of is, wel een mooie meid met fel blond haar en heel lichtblauwe ogen. Ik begon zelfs op te veren toen ik haar zag. Ze kwam meteen met grote passen naar me toe en gaf me drie dikke kussen. Eigenlijk moest ik haar dus als eerste “bewerken”.  “Luister eens Froukje”, begon ik….maar ze zwaaide heftig met haar paardenstaart.” Ik weet het al, je wilt liever niet dat ik hier logeer.”

Ik haalde mijn wenkbrauw op. ” Hoe kom je daar nu bij, ik ben juist hartstikke blij dat je er bent…. ”  Froukje keek mij onderzoekend aan. ” Wat is er? Is er iets?”  Ik voelde mij onzeker worden maar als ik haar als eerste wilde spreken over de problemen, dan moest ik nu toeslaan. Hoewel…op dat moment ging de kamerdeur opnieuw open en Jeltje kwam binnen. ” Zusje!” schreeuwde ze uit. ” Ben je er al?”  De twee vlogen elkaar in de armen en ondanks alles vond ik dat een ontroerend gezicht. Heerlijk,  twee mensen di zo onbevangen dol op elkaar waren. De onbevangenheid stierf in de loop van de middag wel wat weg omdat het duidelijk was dat Jeltje en ik niets gezamenlijk deden.

Afluisteren mag natuurlijk niet maar ik hoorde de zussen in de keuken met elkaar praten en ik kon het niet laten om even te luisteren. “Maar hoe is dat nou toch mogelijk?”  vroeg Froukje. De stemmen werden nu nog zachter en ik kon door de keukendeur heen en om de hoek niet goed horen wat ze zeiden totdat Froukjes stem uitsloeg: “Meid, hoe heb je dat kunnen doen?”  Onmiddellijk hoorde ik Jeltje sissen dat haar zusje stil moest zijn maar de wooreden die daarop volgden hoorde ik ook nog. ” Ik weet me geen raad, ik weet niet hoe ik hier uitkom.”

Met een klap sloeg ik de deur van het toilet dicht om duidelijk te maken dat ik in de buurt was met een geldige reden. Daarna stapte ik door de gang. In de keuken stokten de stemmen even. Meteen daarna gierden de twee het uit van het lachen. Was dat ene gezamenlijke poging om mij een gevoel van eenzaamheid te bezorgen? Was dat een paranoïde gedachte? Ik stapte door en liep terug naar de woonkamer maar ik merkte hoe een zware hoofdpijn zich meester begon te maken van mij.  Hoofdpijn omdat ik het gevoel kreeg dat ik niemand meer kon vertrouwen, ook niet mijzelf.  Lusteloos zakte ik in de stoel waar ik nu al dagen in had gehangen en gezeten. Ik begon mij af te vragen waar dit moest eindigen. Hoe kon hier een einde aan komen?

stress_one1.gif

Vanmorgen heb ik mijn sleutels verloren en ik was daar erg sjagrijnig over. Dat kwam ook doordat ze uit een jaszak zijn gevallen waarvan ik eerst dacht dat er geen gat in zat. Toen bleek dat er toch een gat in zat. Eigenlijk moet die kapotte troep gewoon weggooien maar ja, ik ben eraan gehecht.

Waarom hecht je je aan iets dat niet meer functioneert? Misschien omdat je het voorwerp ooit echt mooi hebt gevonden en daarom heb je het gekocht. Misschien ook omdat in zo´n jas, ondanks de gaten, veel herinneringen zijn blijven zitten.

Hoe dan ook, dat sjagrijn was natuurlijk niet nodig al maakte ik me wel zorgen over de vraag wie die sleutelbos eventueel zou vinden. Heel erg is dat trouwens niet. Er hangt geen adreskaartje aan en als ik ze niet vind, dan zal een ander ze ook wel niet vinden. Misschien zijn ze wel in de rioolput gerold. 

Eigenlijk niks om je te sappel over te maken. Maar nu zit ik op zolder ingesloten omdat de schilder de trap in de grondverf heeft gezet. Hoelang moet ik hier nog wachten? Hij zei een uurtje maar ik zit hier al anderhalf uur en de boel is nog niet droog. Wat een dag!

Grombels,

Kaj Elhorst

www.sairaramira.wordpress.com